Leerling Onderwijs Volgsysteem

Een Leerling Onderwijs Volgsysteem is een hulpmiddel om leerlingen te volgen in hun ontwikkeling middels toetsen.

Om de vorderingen van onze leerlingen goed te volgen en zicht te krijgen op de kwaliteit van het onderwijs op de Karel Eykman School, staan de maanden januari en juni in het teken van de afname van zogenaamde methode-onafhankelijke toetsen.

LOVS
Op de Karel Eykman School gebruiken we de toetsen van het Cito Volgsysteem primair onderwijs. We hebben naast de Leerlingvolgsysteemtoetsen, ook de keuze gemaakt voor de afname van de Entreetoets eind groep 6 en 7, en de Eindtoets Basisonderwijs (beter bekend als de Citotoets) in groep 8. Deze toetsen richten zich allemaal op het meten van de ontwikkeling van de cognitieve vaardigheden. Wij hebben de keuze gemaakt om de leerlingen vanaf eind groep 1 tot en met begin groep 8, te toetsen op het gebied van taal, rekenen, technisch lezen, begrijpend lezen, spelling en rekenen. Er zijn vaste afnamemomenten in een schooljaar, vastgelegd in een toetskalender. Met de toetsen van het volgsysteem kunnen we de vorderingen van onze leerlingen op systematische wijze volgen.
Voor het systematisch volgen van de sociaal-emotionele ontwikkeling hanteren we de Sociale Competentie Observatielijst (SCOL). In de maanden oktober en mei vullen de leerkrachten een observatielijst in over het gedrag.

Leerling Onderwijs Volg Systeem LOVSSignaleren
Het werken met de LVS-toetsen gaat in fasen. De eerste fase, het signaleren, start met het afnemen en nakijken van de toetsen. Wij hebben ervoor de gekozen de toetsen schriftelijk te laten maken. De resultaten worden verwerkt in de computer waar de scores van de leerlingen worden omgezet in een letter (A-B-C-D-E), waarbij A het hoogste en E het laagste is. De toetsuitslagen geven een goed beeld van de vorderingen van iedere leerling afzonderlijk en van de groep als geheel. Van individuele leerlingen kunnen we in een grafiek de ontwikkeling per vakgebied zichtbaar maken. Leerlingen die zeer hoge A-scores behalen, hebben onze aandacht omdat zij laten zien dat zij de reguliere leerstof zeer goed aankunnen en juist behoefte hebben aan uitdaging en verrijking.

Analyseren
Wanneer de leerkracht constateert dat een leerling onvoldoende vooruitgaat of een te lage score behaalt, wordt een zogenaamde foutenanalyse gemaakt. Waar heeft deze leerling problemen mee? Bij sommige vakgebieden doen we de analyse handmatig en bij andere toetsen maken we de foutenanalyse digitaal. Ook kan door de intern begeleider een individueel pedagogisch-didactisch onderzoek worden gedaan om het beeld compleet te krijgen en te bepalen welke onderwijsbehoeften de leerling heeft.

Handelen / remediëren
Is het beeld van een leerling helder (eventueel aangevuld met de gegevens van de methode gebonden toetsen), dan stelt de leerkracht vast welke acties er ondernomen worden. Welke gerichte hulp gaan we deze leerling bieden? Daarbij maken we gebruik van aanvullende methodes, remediërende materialen en hulpboeken. Het plan van aanpak wordt vastgelegd in een handelingsplan. Het handelingsplan wordt uitgevoerd in de klas in de kleine kring, aan de instructietafel, tijdens Zwam of zelfstandig werken. Of voor het vakgebied lezen juist buiten de groep bij de remedial teacher. Regelmatig wordt er ook op de hulp van ouders gerekend en is het thuis oefenen een welkome ondersteuning. Bij een volgende toetsafname kunnen we vervolgens bepalen welk effect de remediëring heeft gehad en wordt het handelingsplan geëvalueerd.

Kwaliteitszorg
Het LOVS is niet alleen een krachtig hulpmiddel als het gaat om een optimaal leerproces voor iedere leerling, het is ook onmisbaar voor onze kwaliteitszorg. Hiervoor is beschreven hoe we met de toetsen werken op het individuele niveau van het kind. Daarnaast zijn er nog twee niveaus van gebruik: het niveau van de groep en het niveau van de school. De groepsoverzichten laten ons namelijk zien hoe de groep er als geheel voor staat en in welke mate iedere groep erin slaagt de doelen voor dat jaar te bereiken. Als blijkt dat een groep als geheel bepaalde vaardigheden minder goed beheerst, dan proberen we te achterhalen wat de mogelijke oorzaak daarvan is. Vervolgens nemen we passende maatregelen en bepalen we bij een volgend toetsmoment of deze maatregelen effect hebben gehad. De schooloverzichten per vakgebied, geven ons een beeld van de kwaliteit van het onderwijs op school.
De intern begeleiders leggen de groeps- en schoolresultaten vast in een zogenaamde zelfevaluatie. Wat zeggen de resultaten over het gegeven onderwijs en de aard van de schoolbevolking? In teamvergaderingen en managementoverleg bespreken we of de resultaten aan onze verwachtingen voldoen. Als het niet het geval is, bespreken we met elkaar welke maatregelen wenselijk zijn en waar ons onderwijs bijstelling verdient. Het volgend schooljaar kunnen we dan bekijken of die maatregelen effect hebben gehad. Zo werken we planmatig aan de kwaliteit van ons onderwijs.